Historisch overzicht

Het Non Kozakkenkoor werd op 6 september 1986 opgericht tijdens een receptie ten huize Coehorst ter gelegenheid van de geboorte van hun eerste kleinkind. Pierre Coehorst (inmiddels erelid) kanonder andere hierdoor aangemerkt worden als de oprichter en hij vindt het niet erg als hij alszodanig hierop aangesproken wordt. 

De namen van de mannen van het eerste uur waren: Pierre Coehorst (voorzitter), Jan Hafkenscheid †,Gerard Hoefnagels †, Jan Kwakkernaat †, Carol Kwakkernaat, Frans Oostendorp, Wim Pruyn(penningmeester), Peter Rohde (dirigent), Frans Trijbels (secretaris), Theo Wanders (pianist) en Theo Wolters.  

In het eerste bulletin dat van het voorlopige bestuur naar de leden uitging duikt reeds de naam "Non Kozakkenkoor" op. Deze naam wordt tot op dit moment nog niet door iedereen even goed begrepen. Hij is bewust gekozen. Er wordt op ludieke wijze mee benadrukt, dat men vooral een gezelligheidskoor wil zijn en niet wil streven naar prestatie en klasse.  

Voor de oprichters van het koor stond het vast dat het koor besloten moest blijven. Maximaal 25 leden. Aan dit getal mocht niet getornd worden. In 1991 telde het koor echter al 39 leden.

In 1992 bestond het koor uit 50 leden, maar bij dit aantal wilde men het absoluut laten.
Op de ledenvergadering van 1995 werd echter, na langdurige discussie, besloten tot 60 te gaan (exclusief dirigent en pianist). Nu bestaat het koor uit 74 leden (exclusief de dirigent en pianist).

De eerste repetitieavonden vonden plaats ten huize Coehorst, al snel daarna in het "Molentje", totdat dat in Chinese handen overging. Vanaf 12 november 1987 t/m 2007 zongen en dronken we in café "Waalzicht", van  2008 t/m 2012 in “Het Witte Huis” en vanaf 2013 in “Zijdewinde”.  

Zeer blij waren we met de komst van Ernst Ham als pianist. Meer dan 12 jaar hebben we van zijn deskundige begeleiding kunnen genieten. Hierbij dient zeker niet onvermeld te blijven dat Ernst zowel de componist als tekstschrijver was van ons inmiddels befaamd geworden "Intro" en "Extro" lijflied!

Het eerste uitstapje vond plaats op 28 april 1990. Naar Gent en Antwerpen, onder leiding van Hans Niemeyer. In Gent zongen we "Boven Gent rijst, eenzaam en grijst, 't Oud Belfort, zinbeeld van het verleden", het prachtige lied ‘’Klokke Roeland’’ dat niet meer in ons repertoire voorkomt.
Op deterugweg naar Lent hebben we gedineerd in restaurant "De Sleutel" in Riethoven, een dorpje ten zuiden van Eindhoven en vlak bij "Bergeyk". We kwamen er midden in een dansavond terecht. Ons koor beleefde daar een historisch moment, ons eerste publieke optreden!
Voor de aanwezigen brulden we ‐ uiteraard ‐ het "Hermenieke van Bergeyk".  

Op de 5e algemene jaarvergadering werd het Lentse geweld in het bestuur bedwongen. Een nieuwe voorzitter trad aan: Benno van de Casteel. De andere bestuursfuncties zijn herhaaldelijk aan wisselingen onderhevig geweest.

Het eerste lustrum in 1991 werd gevierd met een busreisje naar onze oosterburen. Een voortreffelijke lunch in Dülmen, een uitgebreide bezichtiging van Münster en aan het einde van de dag een diner in Haltern.  

De jaren daarop zijn onze publieke optredens toegenomen. Verpleeghuis Kalorama werd bezocht en we waren te gast bij diverse bejaardenoorden: Honinghoeve in Nijmegen, Wervershove in Elst, bij de zusters in Insula Dei in Arnhem, later ook Huize St. Josef in Lent, de Vijverhof in Nijmegen en Huize Tertzio in Elst. Kortom, we zongen en zingen vaak voor een publiek, waar hardhorigheid eerder regel dan uitzondering is.

Op 5 mei 1995 vormde onze deelname aan het Bevrijdingsconcert in de grote N.H. kerk in Elst een hoogtepunt. "Onverdiend" stalen we de show.  

Het jaarfeest van de H. Caecilia wordt elk jaar in november gevierd. Niet altijd verliepen de Caecilia‐avonden even goed. Door inbreng ‘’van buitenaf’’ werd geprobeerd, hier verandering in aan te brengen, en met succes: dit was vooral te danken aan het optreden van de damesgroep "Back to the fourties", aan het optreden van het dameskoortje "Les Fleurs", aan de show van Eddie Christiani en aan het cabaret van de maffe "Amis de la chanson française", al was die laatste eigenlijk ‘’ van binnenaf’’. Maar dankzij het voortreffelijke werk van de "Evenementencommissie" verheugen deze feesten zich ieder jaar opnieuw in een grote belangstelling van de leden en hun partners.  

Ter gelegenheid van het 10‐jarig bestaan werd er een reis georganisserd naar Zülpich, de zustergemeente van Elst, waartoe Lent in die tijd nog behoorde. Als ‘’opwarmertje’’ mochten we eerst nog optreden in het Gemeentehuis in Elst, ter gelegenheid van ‘’20 jaar contacten Elst‐Zülpich’’. Maar de reis naar Zülpich werd toch wel een tikje belangrijker gevonden. De eerste avond zouden we, ter gelegenheid van de heropening van de Stadthalle, een zaal waar 450 bezoekers ontvangenkonden worden, een optreden verzorgen. En daar gingen we: voorafgegaan door een performance van een transseksueel die de zeker 45 toeschouwers (!) nu niet bepaald in extase bracht lieten we onze toehoorders genieten van de Rijnmedley, de Fliegermarsch en nog enkele andere Duitse zeer geapprecieerde meedeiners.

De nacht in het Sporthotel in Kommern dat door de voortreffelijke organisatie van de Evenementencommissie onder leiding van Cor van Megen ons toevluchtsoord was, duurde niet al te lang. De volgende morgen werden we door het oude Zülpich rondgeleid, dat al een Romeinse nederzetting was geweest. Een koele dronk (biertje natuurlijk!) in de oude stadstorenwaar de Prinzengarde haar domicilie heeft, sloot ons bezoek in Zülpich af.
Met een uitgebreid diner 
in de Plasmolense Hof beeindigden we onze zeer geslaagde jubileumtour.  

In 1996 werd tevens Benno van den Casteel na 5 intensieve, werkzame jaren als voorzitter afgelost door René Hartman. Zijn zogenaamde ’maidenspeech’ leidde bij enkele bezorgde leden tot enige ongerustheid, omdat hij mededeelde dat hij voornemens was, zonder al te veel overleg met andere geledingen de naam van het koor te veranderen en bovendien via sponsors het koor een financieel ruggensteuntje te bezorgen. Het is er niet van gekomen ….  

Omdat ’Zülpich’ zo goed bevallen was, werd in augustus 1997 in het kader van het 400‐jarig bestaan van de gemeente Oost‐Vlieland met nieuw elan een reis in elkaar gespijkerd die op zijn minst toch wel moest tippen aan datgene wat we in Zülpich al als zo prettig ervaren hadden. En dat deed‐ie! Met vervoering zongen we onder de energieke leiding van Suus (Sootsma) dat ’de zolder hoog en de vloer laag’ was. Maar het hoogtepunt van de show was toch wel onze pianist Ernst, die in z’n eentjede show stal (vanwege zijn gebrekkige lopen werd hij als een vorst achter de piano gezeten op een platte kar door de Dorpsstraat gereden). En natuurlijk een heel klein beetje het Non Kozakkenkoor: telkens opnieuw werden we omstuwd door bewonderaars (soms liepen er zelfs wel 5 achter ons aan) als we ergens in de Dorpsstraat de pannen van het dak zongen.

We sliepen in het militaire kamp De Vliehors. Sommigen van ons (geen namen noemen omdat die nog in de verkoop zit van auto’s merk Jaguar) vonden de kamers en de gangen zo slecht schoongemaakt dat er maar meteen de brandspuit op gezet moest worden ….. Toch werd er goed geslapen; en ook wel gesnurkt, maar dat laatste mocht geen naam hebben. Als afsluiting van de twee dagen werd er gedineerd in ”de Engel” in Dodewaard.  

Op 2 januari 1998 leverden wij met ons koor een bijdrage aan een feestelijk programma ter gelegenheid van de overdracht van het kerkdorp Lent van de gemeente Elst naar de gemeente Nijmegen.

Het 12½‐jarig jubileum werd op vrijdag 12 maart 1999 gevierd; temidden van partners en enthousiaste fans. Daar werd tevens afscheid genomen van Max Rispens die in de korte tijd dat hij lid van het Non Kozakkenkoor is geweest en vooral als tekstschrijver een onvergetelijke indruk heeft achtergelaten vanwege onder meer de teksten van de liedjes die ook door het koor op het repertoire zijn genomen.

Naast enkele nieuwe leden werd daar tevens onze nieuwe pianist Maarten Baneke voorgesteld, die eerder dan verwacht de plaats achter de piano van Ernst moest gaan overnemen.Ernst overleed op 5 juni 1999.  

Het derde lustrum oftewel het 15‐jarig jubileum werd in Woudrichem gevierd, waar de traditionele visserijdagen, die om de drie jaar gehouden worden, voor het koor weer een nieuw hoogtepunt betekenden. Uitstekend georganiseerd en voorbereid door Peter van den Heuvel, Fred Rikken, Luciano Pauwels en andere leden van de Evenementencommissie die de reputatie van hun voorgangers maar al te goed kenden. Ze hebben dan ook niets aan het toeval overgelaten en het programma, het hotel, het weer, en ons optreden waren subliem.

Het optreden voor bejaarden in het Arsenaal, de tocht met de zalmschouwen over de Merwede, de rondleiding in het Slot Loevestein, en onze veelvuldige optredens in het plaatsje Woudrichem konden de toets der kritiek met glans doorstaan (we zongen in Slot Loevestein ook nog spontaan voor een bruidspaar). Ook deze trip werd afgesloten met een diner in “De Engel’’ in Dodewaard, waar de Evenementencommissie terecht in het (ondergaande) zonnetje gezet werd.  

Sinds 2001 hebben we ook een zogenaamd NKK Prentenboek. Daarin staan gegevens die we over onszelf kwijt willen, keurig alfabetisch gerangschikt. De foto's waren gemaakt door een (over)ijverig lid met verstand van digitale camera's. Hij had helaas minder verstand van het maken van pasfoto's zodat niet alle leden even gelukkig waren met hun eigen afbeelding.  

In de loop der jaren gaf ons koor voorts acte de présence bij de Kasteelfeesten in Wychen, het Millennium Concert in De Spil in Lent, bij huwelijksfeesten van leden die 25 dan wel 50 jaar zijn getrouwd en in de aula van de universiteit bij promoties en inaugurale redes. Ook als er door een van de leden afscheid wordt genomen van zijn werkkring wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd (of eerder) zorgt het koor voor een passende bijdrage. Soms moeten we daar iets verder voor rijden, maar ons optreden in de Koperen Hoogte boven Zwolle, toen ons lid Piet Baselaar afscheid nam als Regiodirecteur Oos‐Nederland van de Nederlandse Bank, werd daardoor des te meer gewaardeerd. Ook onze bijdrage bij het emeritaat van Frans Trijbels, dat zich in de St. Stevenskerk in Nijmegen afspeelde, werd positief ontvangen. Alleen had de pedel wat moeite met de lengte van ons optreden, Frans echter niet, die had het druk met afscheid nemen!  

De bijna voltallige CDA‐top (inclusief alle kabinetsleden en dus ook premier Balkenende) was aanwezig in de Stadschouwburg in Nijmegen toen we op voordracht van Stef de Grood het"achtergrondkoortje" vormden van een bijeenkomst voor leden van deze partij.  

Bij de herdenkingsbijeenkomst van 60 jaar bevrijding van Elst op 21 september 2004, in de Grote Kerk in Elst, leverde ons koor de muzikale omlijsting. Het optreden van burgemeester van Overbetuwe Liesbeth Tuijnman, die samen met ons koor het bekende lied Lili Marlene zong, zorgde voor de nodige regionale publiciteit. We hebben er bovendien onze beschermvrouwe aan overgehouden! Ieder jaar wordt aan het kerstconcert in de r.k. kerk van Lent deelgenomen. Dit wordt door velen gezien als het belangrijkste optreden van het koor; de meeste repetitietijd wordt dan ook vanaf september gebruikt voor de voorbereiding van dit optreden. 
In het verleden hebben we altijd een (goed gevulde) wachtlijst gehad: een bewijs dat de gezelligheid binnen het koor een grote rol speelt. Maar omdat er zo'n lange wachtlijst was ontstaan, werd er koortsachtig naar een modus gezocht om enerzijds het aantal leden binnen de perken te houden en anderzijds deze lijst op te heffen.

Dankzij de juridische spitsvondigheid van ons erelid Pierre Coehorst is er nu in het huishoudelijk reglement een artikel opgenomen dat "de kool en de geit spaart": de

wachtlijst is weg en het aantal koorleden is "beheersbaar". Helaas hebben wij in de loop der jaren ook leden door de dood verloren: Jan Hafkenscheid, Wim

Teunissen, Joop van Soest, Louis Artz, Bert Broeks, Ernst Ham, Gerard Hoefnagels, Peter Thijssen, Henk Kolkman, Henk Rugers, Ad Verhelst, Dick van den Brink, Jan Baltussen, Jan Kwakkernaat en Paul Jaspars. Vooral de laatste jaren is het de gewoonte dat het koor de laatste eer komt bewijzen door vocaal duidelijk aanwezig te zijn, iets dat door de nabestaanden van onze overleden leden altijd enorm op prijs wordt gesteld.